Groep 3
 
 Jellie Wijbenga   Maandag, dinsdag en woensdag 
 Elly van Harskamp   Donderdag en vrijdag 

Technisch lezen/taal/spelling
In groep 3 wordt de methode ‘Veilig Leren Lezen (kim-versie)’ gebruikt, daarmee wordt iedere dag gewerkt. De kinderen leren de letters als klank en herkennen de woorden eerst als geheel. Daarna ontdekken zij dat een woord in letters is op te delen, het 'hakken en plakken'. Het accent ligt op het zoemend lezen, dat wil zeggen dat zij woorden leren lezen met verlengde klankwaarde.
De methode bestaat uit kern Start, kern 1 t/m 11 en kern Afsluiting. Iedere kern en bijbehorende materialen hebben een eigen kleur. Daardoor zijn zij herkenbaar en gebruiksvriendelijk voor de kinderen.
Tijdens de verwerking wordt er gewerkt in drie niveaus. 

Rekenen
Voor rekenen wordt de methode ‘Alles Telt’ gebruikt. Deze methode bestaat uit zes blokken. Hierin wordt gerekend tot 50; optellen, aftrekken, met sprongen van 2, 5 en 10, geld rekenen, klok kijken (hele en halve uren). De basis ligt hier bij het splitsen. In het begin mogen de kinderen gebruik maken van hulpmaterialen, zoals een rekenrek, kralenketting en geld. In de loop van het schooljaar verschuift het accent zich steeds meer naar rekenen op abstract niveau. Er wordt op drie niveaus gewerkt. 

Om goed te kunnen rekenen is het nodig dat bepaalde vaardigheden geautomatiseerd zijn. Daarvoor rekenactiviteiten in gezet van de methode 'Met sprongen vooruit'. 

Schrijven
In groep 3 wordt er gestart met de schrijfletters. Er wordt gewerkt met de methode ‘Pennenstreken’. De pen-greep en een juiste zithouding zijn daarbij van belang. De methode loopt gelijk met de methode ‘Veilig Leren Lezen’. De kinderen leren dezelfde letters schrijven en lezen.

Sociaal-emotionele ontwikkeling
Aan het begin van het jaar bedenkt de leerkracht samen met de kinderen afspraken voor in de klas. Hierdoor worden de kinderen medeverantwoordelijk gemaakt voor de sfeer in de groep. De methode ‘Kinderen en… hun sociale talenten ’ staat hierin centraal. In de klas wordt zeer frequent terug gegrepen op de onderwerpen uit de methode. 

Zelfstandig werken
Beertjes-aanpak
De kinderen leren zelfstandig te werken door middel van de beertjes-aanpak. Dit houdt in dat de kinderen leren na denken over:
  • Wat moet ik doen?
  • Hoe ga ik dat doen?
  • Ik doe mijn werk!
  • Ik kijk mijn werk na: wat vind ik ervan?
Het doel van deze aanpak is dat de kinderen leren gestructureerd en nauwkeurig te werken.

Bij het zelfstandig werken maken de kinderen gebruik van een vragenkaartje. Een kaartje met een rode en een groene zijde. Ligt het kaartje met de groene zijde naar boven, dan kan het kind zelfstandig werken en heeft geen hulp nodig van de leerkracht. Het kaartje wordt met de rode zijde naar boven gedraaid, wanneer een kind de hulp van de leerkracht nodig heeft. Kinderen verwerven op deze manier meer zelfstandigheid en leren omgaan met uitgestelde aandacht. 

Coöperatief werken
Bij coöperatief werken leren de kinderen  dat zij niet alleen verantwoordelijk zijn voor hun eigen leerproces maar dat zij ook invloed kunnen hebben op het leerproces van anderen. Hierbij kunnen zij gebruik maken van sterke vaardigheden van anderen en van zichzelf.

Zaakvakken
Verkeer
Een paar keer per jaar worden er op school praktijklessen gegeven:  ‘School op Seef’.  Met behulp van allerlei attributen zoals pylonen, verkeersborden, verkeerslichten, drempels enzovoort worden verkeerssituaties nagebootst. Hierbij hebben de kinderen hun eigen fiets nodig.

Biologie
Er wordt gekeken naar het Schooltv-programma ‘Huisje boompje beestje’. Samen met Raaf bekijken/onderzoeken de leerlingen verschillende onderwerpen.


Creatieve vakken
Onder crea wordt tekenen, handvaardigheid en muziek verstaan. Deze activiteiten wisselen elkaar af. Groep 3 elke week dans van een vakleerkracht.

Gymnastiek

Een keer in de week gaat groep 3 gymmen in de gymzaal. Zij krijgen les van een vakleerkracht. De kinderen gymmen in een korte broek, t-shirt en gymschoenen. De meisjes dragen hun haar in een staart. De gymspullen zitten in een degelijke tas.

3e beweegmoment
Op woensdag heeft groep 3 een 3e beweegmoment. Buitenspeel- en spelactiviteiten onder begeleiding van een vakleerkracht en de eigen groepsleerkracht. Na deze extra beweging zijn de kinderen weer fris om actief betrokken mee te doen in de klas.